Oefenwereld.nl: Maak alle website reclamevrij! Spellingoefenen.nl: Spelling oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Taaloefenen.nl: Taal oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Sommenoefenen.nl: Sommen oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Redactiesommen.nl: Cito rekenen met verhaaltjessommen


Naam: ___________________________________       Niveau: Groep 8 - Doorstroomtoets


1
Sophie wil op vakantie een fiets huren. Op het vakantiepark een fiets huren kost € 18 per dag. Het verhuurbedrijf in het dorp rekent € 21,60 huur per dag. Hoeveel procent is het verhuurbedrijf in het dorp duurder dan op het vakantiepark?
_______________________20_______________________ %
2
Oude kaas kost op de markt € 11 voor een kilo. In de kaaswinkel kost deze kaas € 11,55 per kilo. Hoeveel procent is de kaas in de kaaswinkel duurder dan op de markt?
_______________________5_______________________ %
3
Een bedrijf had vorig jaar een omzet van € 80 miljoen. Dit jaar is een doel gesteld van 130% ten opzicht van vorig jaar. Hoeveel miljoen omzet wil het bedrijf dit jaar bereiken?
_______________________104_______________________ miljoen
4
Lenn ziet een doos technic lego op internet voor € 17,50. In de winkel kost dezelfde doos € 21. Hoeveel procent is de doos in de winkel duurder dan op internet?
_______________________20_______________________ %
5
Fem krijgt normaal € 100,- voor een dag werken. Wanneer ze in het weekend een dag werkt, krijgt ze 175%. Hoeveel euro verdient Fem als ze in het weekend een dag werkt?
_______________________175_______________________ euro
6
Vince koopt met zijn moeder kleding voor € 592,-. De winkel bestaat 34 jaar en je krijgt daarom ook 34% korting. Hoeveel euro korting krijgt Vince ongeveer?
X 
      200    
      240    
      300    
      180    
7
De nieuwe grasmaaier kost € 768,-. Vandaag krijg je 15% korting op grasmaaiers. Hoeveel euro korting krijg je ongeveer?
      130    
X 
      115    
      135    
      95    
8
In het winkelcentrum lopen 792 mensen. 282 mensen zijn al langer dan 4 uur aan het winkelen. Hoeveel procent is dat ongeveer?
      45%    
X 
      35%    
      25%    
      55%    
9
Isabel koopt een nieuwe fiets van € 698,- en moet bij de aankoop al 37.5% betalen. Hoeveel euro is dat ongeveer?
X 
      260    
      320    
      220    
      300    
10
In het grote ziekenhuis liggen 892 patiënten. 12.5% van de patiënten krijgt geen of bijna geen bezoek. Hoeveel patiënten zijn dat ongeveer?
      150    
      95    
X 
      110    
      90