Oefenwereld.nl: Maak alle website reclamevrij! Spellingoefenen.nl: Spelling oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Taaloefenen.nl: Taal oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Sommenoefenen.nl: Sommen oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Redactiesommen.nl: Cito rekenen met verhaaltjessommen


Naam: ___________________________________       Niveau: Groep 8 - Doorstroomtoets


1
In het winkelcentrum lopen 792 mensen. 282 mensen zijn al langer dan 4 uur aan het winkelen. Hoeveel procent is dat ongeveer?
      25%    
      55%    
      45%    
X 
      35%    
2
Lisa krijgt normaal € 100,- voor een dag werken. Wanneer ze in het weekend een dag werkt, krijgt ze 175%. Hoeveel euro verdient Lisa als ze in het weekend een dag werkt?
_______________________175_______________________ euro
3
Linde kan nu met haar accu 85 kilometer rijden. De fietsenwinkel verkoopt haar een nieuwe accu die 40% meer capaciteit heeft. Hoeveel kilometer kan Linde nu met haar accu rijden?
_______________________119_______________________ kilometer
4
De secretaresses hebben 160 facturen verstuurd. 104 facturen zijn al betaald. Hoeveel procent is dat?
_______________________65_______________________ %
5
De slager kreeg voor de feestdagen 160 bestellingen binnen. 104 bestellingen heeft hij al afgeleverd. Hoeveel procent van de bestellingen is dat?
_______________________65_______________________ %
6
Wouter kreeg eerst € 15,- voor het wassen van een bus. En dat is nu € 16,50 geworden. Hoeveel procent krijgt Wouter nu meer?
_______________________10_______________________ %
7
Oude kaas kost op de markt € 10 voor een kilo. In de kaaswinkel kost deze kaas € 12,50 per kilo. Hoeveel procent is de kaas in de kaaswinkel duurder dan op de markt?
_______________________25_______________________ %
8
Bij een restaurant betaalde je eerst € 19 voor een nagerecht, maar dat is nu € 22,80 geworden. Hoeveel procent is het nagerecht duurder geworden?
_______________________20_______________________ %
9
In het grote ziekenhuis liggen 892 patiënten. 12.5% van de patiënten krijgt geen of bijna geen bezoek. Hoeveel patiënten zijn dat ongeveer?
      90    
      95    
      150    
X 
      110    
10
Anne spaart voor een elektrische step van € 310,-. Ze heeft al € 93,-. Hoeveel procent heeft Anne al gespaard van het bedrag dat ze nodig heeft?
_______________________30_______________________ %