
1 |
Op de school van Jochem werken 7 meesters en 9 juffen. Hoeveel leerkrachten werken er samen?
_______________________16_______________________ leerkrachten
|
2 |
Op een feest zijn 69 cupcakes. De bakker brengt nog eens 10 cupcakes. Hoeveel cupcakes zijn er nu om te delen?
_______________________79_______________________ cupcakes
|
3 |
Oma koopt 2 zakken met krentenbollen. In één zak zitten 2 krentenbollen. Hoeveel krentenbollen koopt oma?
_______________________4_______________________ krentenbollen
|
4 |
Een kok maakt een salade met soorten groente. Hij gebruikt per salade 5 tomaten. De kok maakt 2 salades. Hoeveel tomaten gebruikt de kok?
_______________________10_______________________ tomaten
|
5 |
Op Nieuwjaarsdag krijgt Arthur 5 euro van zijn tante. Van opa en oma krijgt hij ook nog 5 euro. Hoeveel euro heeft Arthur in totaal gekregen?
_______________________10_______________________ euro
|
6 |
Op de kinderboerderij lopen 17 schapen in de wei. Er ontsnappen 7 schapen. Hoeveel schapen zijn nog in de wei?
_______________________10_______________________ schapen
|
7 |
Er branden 11 kaarsen op de taart. Ruben blaast er 10 uit. Hoeveel kaarsen branden er nu nog?
_______________________1_______________________ kaarsen
|
8 |
Beau gaat met 20 euro naar de winkel. Hij koopt een zak aardappels voor 3 euro. Hoeveel euro krijgt Beau terug?
_______________________17_______________________
|
9 |
Op het bord liggen 12 pizzapunten. Er worden 10 pizzapunten opgegeten. Hoeveel pizzapunten zijn er nog over?
_______________________2_______________________ pizzapunten
|
10 |
Op de boerderij lopen al 71 dieren. De boer koopt er nog 10 geiten bij. Hoeveel dieren heeft de boer?
_______________________81_______________________ dieren
|
Copyright 2024 © Redactiesommen.nl
Privacy beleid
Kijk ook eens op www.rekenspelletjes.nu en bijdeles.online (quiz taal/rekenen/spelling)






