
1 |
1000 mensen staan op het vliegveld klaar om in te checken. Wanneer 200 mensen ingecheckt zijn, ontstaat er een storing bij de bagagebanden. Hoeveel procent van de mensen zijn ingecheckt?
_______________________20_______________________ %
|
2 |
In het dorp staan 150 lantaarns. 10% van de lantaarns doet het niet meer. Hoeveel lantaarns zijn dat?
_______________________15_______________________ lantaarns
|
3 |
De glazenwasser moet 200 ramen wassen van een flatgebouw. Na de eerste dag heeft hij 25% van de ramen gehad. Hoeveel ramen heeft de glazenwasser gedaan?
_______________________50_______________________ ramen
|
4 |
In een winkel kwamen 60 klanten met een kapot apparaat. 12 apparaten konden niet meer gemaakt worden. Hoeveel procent is dat?
_______________________20_______________________ %
|
5 |
De bakker maakt 1000 ml gele room. Hij gebruikt 25% voor het opspuiten van gebakjes. Hoeveel ml is er daarna nog over?
_______________________750_______________________ ml
|
6 |
Tim zegt dat
3/4 hetzelfde is als 75%. Rosa houdt vol dat 3/4 meer is dan 75%. Wie heeft er gelijk?X Tim Rosa |
7 |
Op de projectavond van groep 7 komen 40 ouders. 16 ouders helpen met opruimen. Hoeveel procent van de ouders is dat?
_______________________40_______________________ %
|
8 |
In het buurtspeeltuintje zijn 40 kinderen aan het spelen. 20% van de kinderen speelt alleen. Hoeveel kinderen spelen alleen?
_______________________8_______________________ kinderen
|
9 |
Rana zit in het vliegtuig en de vliegreis is 15000 kilometer. Na een paar uur vliegen hebben ze 10% gehad. Hoeveel kilometer heeft Rana dan al gevlogen?
_______________________1500_______________________ kilometer
|
10 |
Ise moet nog
3/5 van haar huiswerk maken. Hoeveel procent is dat?_______________________60_______________________ %
|
Copyright 2024 © Redactiesommen.nl
Privacy beleid
Kijk ook eens op www.rekenspelletjes.nu en bijdeles.online (quiz taal/rekenen/spelling)






