
1 |
Bij de musical staan 1000 stoelen. 200 stoelen zijn voor kinderen. Hoeveel procent van de stoelen is dat?
_______________________20_______________________ %
|
2 |
Op de veiling staan 1000 rozen. 100 rozen worden door een eerste koper gekocht. Hoeveel procent van de rozen is dat?
_______________________10_______________________ %
|
3 |
De bakker maakt 1000 ml gele room. Hij gebruikt 10% voor het opspuiten van gebakjes. Hoeveel ml is er daarna nog over?
_______________________900_______________________ ml
|
4 |
De familie van Fien bestaat uit 40 personen. 8 zijn kinderen jonger dan twaalf jaar. Hoeveel procent van de familie zijn kinderen onder de twaalf?
_______________________20_______________________ %
|
5 |
Jade moet nog
1/4 van haar huiswerk maken. Hoeveel procent is dat?_______________________25_______________________ %
|
6 |
In het dorp staan 100 lantaarns. 10% van de lantaarns doet het niet meer. Hoeveel lantaarns zijn dat?
_______________________10_______________________ lantaarns
|
7 |
De glazenwasser moet 600 ramen wassen van een flatgebouw. Na de eerste dag heeft hij 10% van de ramen gehad. Hoeveel ramen heeft de glazenwasser gedaan?
_______________________60_______________________ ramen
|
8 |
In het buurtspeeltuintje zijn 40 kinderen aan het spelen. 20% van de kinderen speelt alleen. Hoeveel kinderen spelen alleen?
_______________________8_______________________ kinderen
|
9 |
Roan heeft als doel om € 10000,- te sparen. Hij heeft al 10% van zijn doel behaald. Hoeveel euro heeft Roan al?
_______________________1000_______________________ euro
|
10 |
In een winkel kwamen 50 klanten met een kapot apparaat. 10 apparaten konden niet meer gemaakt worden. Hoeveel procent is dat?
_______________________20_______________________ %
|
Copyright 2024 © Redactiesommen.nl
Privacy beleid
Kijk ook eens op www.rekenspelletjes.nu en bijdeles.online (quiz taal/rekenen/spelling)






