Oefenwereld.nl: Maak alle website reclamevrij! Spellingoefenen.nl: Spelling oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Taaloefenen.nl: Taal oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Sommenoefenen.nl: Sommen oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Redactiesommen.nl: Cito rekenen met verhaaltjessommen


Naam: ___________________________________       Niveau: Groep 8 - Doorstroomtoets


1
Yasmin heeft al
3/7
van het Pieterpad gelopen die ongeveer 490 kilometer lang is. Hoeveel kilometer heeft Yasmin al gelopen?
_______________________210_______________________ kilometer
2
Jochem schrijft
3/5
op. Wie van zijn vrienden schrijft een breuk op die hieraan gelijk is?
      Max: 7/10    
      Jip: 14/25    
X 
      Jasper: 12/20    
      Finn: 8/15    
3
Op de zomermarkt zijn ongeveer 697 bezoekers. 293 bezoekers zijn er al langer dan 3 uur. Welk deel is dat ongeveer?
      1/3    
      2/6    
      3/5    
X 
      3/7    
4
Een pak pure hagelslag bestaat voor 80% uit cacao. Welk deel van het pak is dat?
Schrijf hiernaast een breuk
4
5
5
60% van de ouders hebben het geld voor het schoolkamp al betaald. Welk deel van ouders is dat?
Schrijf hiernaast een breuk
3
5
6
Sil heeft
2/4
liter water in zijn rugtas als hij aan de bergafdaling begint. Wanneer hij onderaan de berg is gekomen, heeft hij nog
1/8
liter. Hoeveel liter heeft Sil onderweg gedronken?
Schrijf hiernaast een breuk
3
8
7
Voor een recept zet Daphne
1/2
kilo meel klaar. Ze heeft voor het eerste recept hiervan
1/4
deel nodig. Welk deel van een kilo meel gebruikt ze voor het eerste recept?
Schrijf hiernaast een breuk
1
8
8
Op een boerderij is
4/6
van de eieren door de kippen gelegd en
1/4
deel door de eenden. De rest van de eieren is door de ganzen gelegd. Welk deel is dat?
Schrijf hiernaast een breuk
1
12
9
Op schoolreisje ging
2/3
van de leerlingen naar het museum en
1/5
van de leerlingen bezochten de dierentuin. De andere leerlingen gingen naar de speeltuin. Welk deel van de leerlingen is dat?
Schrijf hiernaast een breuk
2
15
10
55% van de kinderen heeft op schoolreis een zak chips bij zich. Welk deel van de kinderen is dat?
Schrijf hiernaast een breuk
11
20