
1 |
De kinderen van groep 6 houden een sponsorloop en moeten 30 rondjes rennen. Hoeveel rondjes hebben ze gehad als ze
1/3 deel gehad hebben?_______________________10_______________________ rondjes
|
||
2 |
Wat is
1/10 van 100?_______________________10_______________________
|
||
3 |
De serveerster heeft 6 mensen voorzien van drinken. Dat is
1/4 deel van alle mensen die iets willen drinken. Hoeveel mensen willen er in totaal iets drinken?_______________________24_______________________ mensen
|
||
4 |
7 bloembakken zijn in het park door de storm kapot gewaaid. Dat is
1/2 deel van alle bloembakken. Hoeveel bloembakken zijn er in totaal?_______________________14_______________________ bloembakken
|
||
5 |
Wouter maakt met zijn vrienden een fietstocht van 40 kilometer.
2/4 deel hebben ze gehad als Wouter een lekke band krijgt. Hoeveel kilometer hebben ze dan gehad?_______________________20_______________________ kilometer
|
||
6 |
Kyan heeft 12 knikkers verdeeld over zijn vrienden. Dat is
1/3 deel van al zijn knikkers. Hoeveel knikkers had Kyan in totaal, voordat hij uit ging delen?_______________________36_______________________ knikkers
|
||
7 |
Marijn heeft een chocoladereep. Hij deelt 7 blokjes met zijn vrienden en dat is
1/2 deel van de reep. Uit hoeveel blokjes bestaat de hele chocoladereep?_______________________14_______________________ blokjes
|
||
8 |
Op de kraam liggen 100 boeken.
3/4 deel is volwassenboeken. Hoeveel volwassenboeken zijn dat?_______________________75_______________________ volwassenboeken
|
||
9 |
De kaasboer heeft 100 stukken kaas verkocht.
2/4 deel was jonge kaas. Hoeveel stukken jonge kaas heeft de kaasboer verkocht?_______________________50_______________________ stukken
|
||
10 |
|
Copyright 2024 © Redactiesommen.nl
Privacy beleid
Kijk ook eens op www.rekenspelletjes.nu en bijdeles.online (quiz taal/rekenen/spelling)







