
1 |
De kweker heeft 120 viooltjes te koop. Na 2 dagen heeft hij alweer
1/3 deel verkocht. Hoeveel viooltjes heeft de kweker verkocht?_______________________40_______________________ viooltjes
|
||
2 |
Op het schoolfeest zijn 40 ouders.
2/4 deel van de ouders helpt mee. Hoeveel ouders helpen mee? _______________________20_______________________ ouders
|
||
3 |
|
||
4 |
In de speeltuin zijn 30 kinderen.
2/3 deel van de kinderen is al vaker in deze speeltuin geweest. Hoeveel kinderen zijn dat?_______________________20_______________________ kinderen
|
||
5 |
Farrah gaat met kinderen uit haar klas zwemmen en ze zijn met 4 kinderen. Dat is
1/3 deel van de klas. Hoeveel kinderen zitten er in totaal in de klas van Farrah?_______________________12_______________________ kinderen
|
||
6 |
|
||
7 |
Aan een knutselmiddag voor ouderen doen 50 mensen mee.
1/2 van deze mensen is ouder dan 65 jaar. Hoeveel mensen zijn dat?_______________________25_______________________ mensen
|
||
8 |
Merijn heeft 7 knikkers verdeeld over zijn vrienden. Dat is
1/4 deel van al zijn knikkers. Hoeveel knikkers had Merijn in totaal, voordat hij uit ging delen?_______________________28_______________________ knikkers
|
||
9 |
Op een ziekenhuisafdeling zijn 120 mensen.
2/3 deel is bezoek. Hoeveel bezoekers zijn er op de afdeling?_______________________80_______________________ bezoekers
|
||
10 |
De kinderen van groep 6 houden een sponsorloop en moeten 40 rondjes rennen. Hoeveel rondjes hebben ze gehad als ze
2/4 deel gehad hebben?_______________________20_______________________ rondjes
|
Copyright 2024 © Redactiesommen.nl
Privacy beleid
Kijk ook eens op www.rekenspelletjes.nu en bijdeles.online (quiz taal/rekenen/spelling)






