
1 |
Isa verkoopt taarten en haalt € 150,- op voor het goede doel.
1/5 deel trekt ze af voor de onkosten en de rest maakt ze via de bank over. Voor hoeveel euro maakte Isa onkosten?_______________________30_______________________ euro
|
||
2 |
|
||
3 |
De school van Quinty bestaat uit 150 leerlingen.
1/3 deel heeft een huisdier. Hoeveel leerlingen hebben een huisdier?_______________________50_______________________ leerlingen
|
||
4 |
De slager verkoopt voor de feestdagen 200 kilo vlees.
2/8 deel moest bezorgd worden. Hoeveel kilo vlees moest de slager bezorgen?_______________________50_______________________ kilo
|
||
5 |
|
||
6 |
|
||
7 |
|
||
8 |
Marijn heeft een chocoladereep. Hij deelt 8 blokjes met zijn vrienden en dat is
2/3 deel van de reep. Uit hoeveel blokjes bestaat de hele chocoladereep?_______________________12_______________________ blokjes
|
||
9 |
1/3 deel van alle brieven is bezorgd. Dat zijn ... op de 60 brieven. _______________________20_______________________
|
||
10 |
|
Copyright 2024 © Redactiesommen.nl
Privacy beleid
Kijk ook eens op www.rekenspelletjes.nu en bijdeles.online (quiz taal/rekenen/spelling)









