
1 |
De slager verkoopt voor de feestdagen 180 kilo vlees.
3/4 deel moest bezorgd worden. Hoeveel kilo vlees moest de slager bezorgen?_______________________135_______________________ kilo
|
||
2 |
|
||
3 |
De secretaresse moet 40 brieven versturen. Wanneer ze
2/4 deel heeft gehad, haalt ze eerst een bakje koffie. Hoeveel brieven heeft ze dan al verstuurd?_______________________20_______________________ brieven
|
||
4 |
1/3 deel van alle mensen op terras moeten nog wachten op het bestelde eten. Dat zijn ... op de 60 mensen. _______________________20_______________________
|
||
5 |
De bakker moet op oudejaarsmorgen 500 oliebollen bakken. Na een paar uur heeft hij
7/10 deel gebakken. Hoeveel oliebollen heeft de bakker dan gebakken?_______________________350_______________________ oliebollen
|
||
6 |
Er komen gemiddeld 500 klanten op de markt per morgen. Rond 10 uur is
3/5 deel geweest. Hoeveel klanten zijn er geweest?_______________________300_______________________ klanten
|
||
7 |
Op een basisschool zitten 100 leerlingen.
3/4 deel van de kinderen doen aan sport. Hoeveel kinderen doen aan sport?_______________________75_______________________ kinderen
|
||
8 |
Met de accu van de elektrische fiets kan Mick 150 kilometer fietsen. Als de accu
2/3 deel leeg is, legt Mick de accu aan de lader. Hoeveel kilometer heeft hij dan gefietst? _______________________100_______________________ kilometer
|
||
9 |
Joshua heeft een chocoladereep. Hij deelt 6 blokjes met zijn vrienden en dat is
2/3 deel van de reep. Uit hoeveel blokjes bestaat de hele chocoladereep?_______________________9_______________________ blokjes
|
||
10 |
|
Copyright 2024 © Redactiesommen.nl
Privacy beleid
Kijk ook eens op www.rekenspelletjes.nu en bijdeles.online (quiz taal/rekenen/spelling)








