Oefenwereld.nl: Maak alle website reclamevrij! Spellingoefenen.nl: Spelling oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Taaloefenen.nl: Taal oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Sommenoefenen.nl: Sommen oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Redactiesommen.nl: Cito rekenen met verhaaltjessommen


Naam: ___________________________________       Niveau: Groep 6 - Midden


1
In het schap liggen 240 kerstballen. Ze zijn verdeeld over 60 doosjes. Hoeveel kerstballen zitten er in een doosje?
_______________________4_______________________ kerstballen
2
De moeder van Hanna maakt een fotoboek van de zomervakantie. Ze heeft 110 foto`s en 11 bladzijden. Hoeveel foto`s komen er per bladzijde?
_______________________10_______________________ foto`s
3
De binnenspeeltuin heeft na twee uur € 392,- afgerekend. Per kaartje kost het €8,-. Hoeveel kaartjes heeft de binnenspeeltuin verkocht in deze twee uur?
_______________________49_______________________ kaartjes
4
Jorn beklimt een berg van 500 meter. Hij verdeelt de klim in 2 gelijke stukken om te pauzeren. Hoeveel meter is ieder stuk?
_______________________250_______________________ meter
5
Voor de sportdag moeten alle 180 kinderen van de school verdeeld worden in groepjes van 9 kinderen. Hoeveel groepjes worden er gemaakt?
_______________________20_______________________ groepjes
6
Suze verkoopt zelfgemaakte slingers van stof. Ze haalt daar €360,- mee op. Per slinger rekent ze €40,-. Hoeveel slingers heeft Suze verkocht?
_______________________9_______________________ slingers
7
Kevin heeft een handeltje in nieuwe lampen. Deze week verkocht hij voor € 240,-. Per lamp rekent hij € 80,-. Hoeveel lampen heeft Kevin verkocht?
_______________________3_______________________ lampen
8
Elias moet 160 pakjes bezorgen. Per keer passen er 16 pakjes in zijn bakfiets. Hoeveel keer moet Elias zijn bakfiets vullen?
_______________________10_______________________ keer
9
De strandtent heeft 294 chocolade-ijsjes op voorraad. Ze zijn verpakt in doosjes van 6. Hoeveel doosjes met ijsjes heeft de strandtent op voorraad?
_______________________49_______________________ doosjes
10
Isabella gaat met haar familie op vakantie en ze moeten 900 kilometer rijden. Ze verdelen de reis in 3 gelijke delen om tussendoor te pauzeren. Hoeveel kilometer is ieder deel?
_______________________300_______________________ kilometer