
1 |
De boekhandel heeft 35 nieuwe boeken besteld. Deze worden over 5 planken verdeeld in de winkel. Hoeveel nieuwe boeken komen er op elke plank te liggen?
_______________________7_______________________ boeken
|
2 |
In een koelcel staat nog 75 kilo appels. De boer verdeelt deze over kisten van 25 kilo. Hoeveel kisten kan de boer vullen?
_______________________3_______________________ kisten
|
3 |
Pepijn spaart voor een nieuwe step van 100 euro. Met een keer kranten bezorgen verdient hij 25 euro. Hoeveel keer moet Pepijn de kranten bezorgen, voordat hij de step kan kopen?
_______________________4_______________________ keer
|
4 |
De medewerker moet 30 nieuwe bloempotten uitpakken. Hij verdeelt deze over 3 schappen. Hoeveel bloempotten staan er bij elkaar?
_______________________10_______________________ bloempotten
|
5 |
Er zijn 20 flesjes water. Deze moeten verdeeld worden over 2 families. Hoeveel flesjes water krijgt iedere familie?
_______________________10_______________________ flesjes water
|
6 |
Oma heeft 30 kilo kersen. Per keer kookt ze 3 kilo. Hoeveel keer moet oma koken voordat alle kersen op zijn?
_______________________10_______________________ keer
|
7 |
Opa fietst 60 kilometer per week. Hij fietst altijd dezelfde ronde van 20 kilometer. Hoeveel keer fietst opa per week?
_______________________3_______________________ keer
|
8 |
35 kinderen gaan op kamp. Ze worden verdeeld over tenten van 5 personen. Hoeveel tenten zijn er nodig?
_______________________7_______________________ tenten
|
9 |
De ober heeft 60 glazen drinken. Per keer neemt hij 6 glazen mee op zijn dienblad. Hoeveel keer moet de ober lopen?
_______________________10_______________________ keer
|
10 |
In het schoolmagazijn is de bak met 66 pennen op de grond gevallen. Noa ruimt deze netjes op en doet 7 pennen in een doosje. Hoeveel volle doosjes kan Noa maken?
_______________________9_______________________ doosjes
|
Copyright 2024 © Redactiesommen.nl
Privacy beleid
Kijk ook eens op www.rekenspelletjes.nu en bijdeles.online (quiz taal/rekenen/spelling)






