
1 |
Karlijn gaat € 54,35 storten bij de bank. Welke briefjes en muntjes kan ze inleveren om aan dat bedrag te komen?
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
2 |
Nora koopt een nieuwe lampenkap van € 52,50. Ze geeft € 100,- Hoeveel euro krijgt Nora terug?
_______________________47,50_______________________ euro
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
3 |
Een klant in de fietsenwinkel betaalt zijn fiets van € 1375,- contant. Hoe kan hij precies gepast betalen?
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
4 |
Myrthe stopt dit geld in het parkeerautomaat. Hoeveel euro is dat in totaal?
_______________________18,45_______________________ euro
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
5 |
Niels betaalt in de winkel € 388,- precies contant. Hoe kan hij betalen?
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
6 |
Groep 6 heeft actie gevoerd en gaan deze briefjes geven aan een goed doel. Hoeveel euro heeft groep 6 opgehaald?
_______________________2135_______________________ euro
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
7 |
Tycho wilt € 49,35 precies gepast betalen. Hoe kan hij dat doen?
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
8 |
Eefje gaat met haar vriendinnen naar de jaarmarkt op het dorp. Ze koopt munten voor € 24,95. Ze geeft bij de kassa € 40,- Hoeveel krijgt Eefje terug?
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
9 |
Sara koopt een treinkaartje van € 21,45. Hoe kan ze precies gepast betalen?
|
||||||||||||||||||||||||||||||||
10 |
De juf koopt cadeautjes voor de kinderen in haar klas. Ze moet € 52,95 betalen. Ze geeft € 70,- Hoeveel euro krijgt de juf terug?
|
Copyright 2024 © Redactiesommen.nl
Privacy beleid
Kijk ook eens op www.rekenspelletjes.nu en bijdeles.online (quiz taal/rekenen/spelling)



















