Oefenwereld.nl: Maak alle website reclamevrij! Spellingoefenen.nl: Spelling oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Taaloefenen.nl: Taal oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Sommenoefenen.nl: Sommen oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Redactiesommen.nl: Cito rekenen met verhaaltjessommen


Naam: ___________________________________       Niveau: Groep 6 - Eind


1
De moeder van Linn koopt 5 entreekaartjes van € 9,99 voor de dierentuin en 5 bakjes met voer van € 3,99 per stuk. Hoeveel euro moet de moeder van Linn ongeveer betalen?
_______________________70_______________________ euro
2
Nienke stopt dit geld in haar spaarpot. Hoeveel euro is dat in totaal?
_______________________243,35_______________________ euro
3
De meester koopt 20 flesjes water van € 1,49 en 20 zakjes chips van € 0,99. Hoeveel euro moet de meester ongeveer betalen?
_______________________50_______________________ euro
4
Amber koopt met drie vriendinnen snoep voor € 1,80. Ze delen de kosten. Hoeveel euro moet ieder betalen?
_______________________0,45_______________________ euro
5
Adam gaat quad rijden met zijn broers. Ze huren de quads en moeten € 380,50 borg betalen. Hoe kunnen ze precies gepast betalen?
x_____ 1_____  x_____ 1_____  x_____ 1_____  x_____ 1_____  
x_____ 1_____  x_____ _____  x_____ _____  x_____ 1_____  
6
Jack gaat met zijn vader uiteten. Zijn vader geeft deze briefjes en muntjes bij het afrekenen. Hoeveel euro kostte het etentje voor hun samen?
_______________________134,45_______________________ euro
7
Imke gaat met nog twee vriendinnen naar de snackbar. Ze hebben in totaal € 3,60 mee. Hoeveel euro kunnen ze per persoon uitgeven?
_______________________1,20_______________________ euro
8
Lara is aan het oefenen met geld tellen. Ze moet een bedrag van € 745,90 neerleggen. Hoe kan ze dat doen?
x_____ 1_____  x_____ 2_____  x_____ 2_____  
x_____ 1_____  x_____ _____  x_____ 1_____  x_____ 2_____  
x_____ _____  
9
Een bakje aardbeien kost € 2,75. En 5 kilo aardappelen € 7,35. Hoeveel euro kost dit samen?
_______________________10,10_______________________ euro
10
Luca betaalt met deze briefjes en muntjes in de speelgoedwinkel. Hoeveel moest Luca betalen?
_______________________285,55_______________________ euro