Oefenwereld.nl: Maak alle website reclamevrij! Spellingoefenen.nl: Spelling oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Taaloefenen.nl: Taal oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Sommenoefenen.nl: Sommen oefenen voor groep 3,4,5,6,7 en 8 Redactiesommen.nl: Cito rekenen met verhaaltjessommen


Naam: ___________________________________       Niveau: Groep 3 - Midden


1
Wessel gaat met 20 euro naar de winkel. Hij koopt een zak aardappels voor 3 euro. Hoeveel euro krijgt Wessel terug?
_______________________17_______________________
2
4 kinderen raden hoeveel pepernoten in een pot zitten. Er zitten 20 pepernoten in de pot. Wie raadt het dichtst bij het antwoord 20?
      Zara: 24    
X 
      Coen: 18    
      Kamil: 23    
      Sam: 15    
3
Welke getallen staan van klein naar groot?
X 
      21 - 24 - 28 - 29    
      22 - 27 - 25 - 29    
      13 - 17 -15 - 19    
      31 - 33 - 38 - 37    
4
Eén autootje kost 2 euro. Jim koopt er 2. Hoeveel euro moet Jim betalen?
_______________________4_______________________ euro
5
Kian heeft 2 doosjes snoepjes. In iedere doosje zitten 2 snoepjes. Hoeveel snoepjes heeft Kian?
_______________________4_______________________ snoepjes
6
12 jongens gaan buiten basketballen. 8 jongens zijn nog in de klas. Hoeveel jongens zijn er al buiten?
_______________________4_______________________ jongens
7
In een gymzaal zijn 2 rode ballen, 2 gele ballen en 6 groene ballen. Hoeveel ballen zijn er in de gymzaal?
_______________________10_______________________ ballen
8
Kees heeft een briefje van 10 euro bij zich. Hij koopt een doosje lego voor 9 euro. Welke briefjes of munten krijgt hij terug?
x_____ _____  x_____ _____  x_____ _____  x_____ 1_____  
9
In het bos staan 9 zieke bomen. De boswachter zaagt er 3 om. Hoeveel bomen moet hij daarna nog omzagen?
_______________________6_______________________ bomen
10
Esther koopt een plant. Deze kostte eerst 20 euro. En nu nog 2 euro. Hoeveel euro is het goedkoper geworden?
_______________________18_______________________ euro