
1 |
4 kinderen raden hoeveel snoepjes in de pot zitten. Er zitten 10 snoepjes in de pot. Wie raadt het dichtst bij het antwoord 10?
Annemijn: 15 Silke: 7 Rana: 14 X Yinthe: 8 |
||||||||||||||||
2 |
10 uur 8 uur X 11 uur 2 uur |
||||||||||||||||
3 |
Esther koopt een cadeau van 12 euro. Hoe kan ze precies gepast betalen?
|
||||||||||||||||
4 |
X 4 uur 6 uur 9 uur 8 uur |
||||||||||||||||
5 |
Bij een speelgoed winkel kost een stempel 2 euro. Hoeveel kosten 2 stempels?
_______________________4_______________________ euro
|
||||||||||||||||
6 |
Joas kijkt om 9 uur op de klok. Hoe staan de wijzers?
X
|
||||||||||||||||
7 |
Mijn vader gaat pas om 11 uur naar bed. Hoe staan de wijzers?
X
|
||||||||||||||||
8 |
Op een feestje eten de kinderen pannenkoeken. Wie kan de meeste pannenkoeken op?
X Romy: 7 Laura: 3 Olivia: 5 Lieke: 6 |
||||||||||||||||
9 |
Puck bakt 11 kruidnoten. Haar broertje eet er 9 op. Hoeveel kruidnoten heeft Puck dan zelf nog?
_______________________2_______________________ kruidnoten
|
||||||||||||||||
10 |
Er zitten 14 mensen in de trein. Er stappen 4 mensen uit. Hoeveel mensen blijven nog zitten?
_______________________10_______________________ mensen
|
Copyright 2024 © Redactiesommen.nl
Privacy beleid
Kijk ook eens op www.rekenspelletjes.nu en bijdeles.online (quiz taal/rekenen/spelling)













