
1 |
In een moestuin heeft Marit 2 rijen met 3 bessenstruiken. Hoeveel bessenstruiken staan er in de moestuin?
_______________________6_______________________ bessenstruiken
|
2 |
Er staan 12 tulpen in de tuin. 11 tulpen gaan kapot. Hoeveel tulpen zijn nog heel?
_______________________1_______________________ tulpen
|
3 |
Joris gaat met 20 euro naar de winkel. Hij koopt een zak aardappels voor 5 euro. Hoeveel euro krijgt Joris terug?
_______________________15_______________________
|
4 |
Mees heeft 16 blokken om een toren te bouwen. Daarvan zijn 6 blokken rood. Hoeveel blokken hebben een andere kleur?
_______________________10_______________________ blokken
|
5 |
Mijn vader gaat pas om 11 uur naar bed. Hoe staan de wijzers?
X
|
6 |
Mama snijdt eerst 5 taartpunten, daarna snijdt ze nog 2 taartpunten en later nog 2 taartpunten. Hoeveel taartpunten heeft mama gesneden?
_______________________9_______________________ taartpunten
|
7 |
Op het bord liggen 11 pizzapunten. Er worden 10 pizzapunten opgegeten. Hoeveel pizzapunten zijn er nog over?
_______________________1_______________________ pizzapunten
|
8 |
Esmee eet 2 poffertjes. Later eet ze nog 2 poffertjes. Naya eet 4 poffertjes. Hoeveel poffertjes hebben ze samen op?
_______________________8_______________________ poffertjes
|
9 |
Welk getal is het kleinst?
17 18 19 X 16 |
10 |
Groep 3 en groep 4 voetballen tegen elkaar. Aan het eind staat het 9 - 4 voor groep 4. Hoeveel doelpunten zijn er gemaakt?
_______________________13_______________________ doelpunten
|
Copyright 2024 © Redactiesommen.nl
Privacy beleid
Kijk ook eens op www.rekenspelletjes.nu en bijdeles.online (quiz taal/rekenen/spelling)






