
1 |
Nynke rijdt 7 rondjes op haar paard. Na een pauze rijdt ze nog 9 rondjes. Hoeveel rondjes reed Nynke in totaal op haar paard?
_______________________16_______________________ rondjes
|
|||||
2 |
De groenteboer heeft 12 mooie trossen bananen. Hij verkoopt 7 trossen. Hoeveel trossen bananen heeft hij nog over?
_______________________5_______________________ trossen bananen
|
|||||
3 |
Mama koopt in de snoepwinkel 3 toffees, 5 lolly`s en 7 zuurtjes. Hoeveel snoepjes koopt mama?
_______________________15_______________________ snoepjes
|
|||||
4 |
Er zitten 6 knikkers in een pot. Er komen 6 knikkers bij. Hoeveel knikkers zitten er nu in de pot?
_______________________12_______________________ knikkers
|
|||||
5 |
Op zaterdag moet ik om 4 uur naar zwemles. Hoe staan de wijzers?
X
|
|||||
6 |
Mama snijdt eerst 2 taartpunten, daarna snijdt ze nog 3 taartpunten en later nog 2 taartpunten. Hoeveel taartpunten heeft mama gesneden?
_______________________7_______________________ taartpunten
|
|||||
7 |
Lauren koopt 4 doosjes met gebakjes. In een doosje zitten 2 gebakjes. Hoeveel gebakjes koopt Lauren?
_______________________8_______________________ gebakjes
|
|||||
8 |
Oma laat haar portomonnee vallen en verliest een paar muntjes. Hoeveel euro ligt er op de grond?
_______________________7_______________________ euro
|
|||||
9 |
Op een boerderij zijn 2 hokjes met 2 lammetjes. Hoeveel lammetjes zijn er op de boerderij?
_______________________4_______________________ lammetjes
|
|||||
10 |
Op het feest van oma zijn 7 taartjes over. Renske mag 3 taartjes mee naar huis nemen. Hoeveel taartjes zijn er dan nog over?
_______________________4_______________________ taartjes
|
Copyright 2024 © Redactiesommen.nl
Privacy beleid
Kijk ook eens op www.rekenspelletjes.nu en bijdeles.online (quiz taal/rekenen/spelling)








