
1 |
Op het bord liggen 9 pannenkoeken. Emir eet 4 pannenkoeken op. Hoeveel pannenkoeken blijven er over?
_______________________5_______________________ pannenkoeken
|
2 |
Welke getallen staan van klein naar groot?
8 - 13 - 16 - 9 9 - 5 - 11 - 16 11 - 14 - 17 - 19 X 7 - 9 - 12 - 15 |
3 |
Lukas gaat met 20 euro naar de winkel. Hij koopt een zak aardappels voor 5 euro. Hoeveel euro krijgt Lukas terug?
_______________________15_______________________
|
4 |
Groep 3 gaat op schoolreis. Ze hebben al 13 kilometer gereden. Ze moeten nog 6. Hoeveel kilometer is het?
_______________________19_______________________ kilometer
|
5 |
In het boeket met bloemen zitten 2 rozen, 2 tulpen en 5 margrieten. Uit hoeveel bloemen bestaat het boeket?
_______________________9_______________________ bloemen
|
6 |
Nikki had 10 koekjes. Ze deelt 2 koekjes uit. Hoeveel koekjes houdt ze over?
_______________________8_______________________ koekjes
|
7 |
Op het feest van oma zijn 9 taartjes over. Suze mag 8 taartjes mee naar huis nemen. Hoeveel taartjes zijn er dan nog over?
_______________________1_______________________ taartjes
|
8 |
Welke getallen staan van klein naar groot?
37 - 33 - 36 - 39 X 32 - 36 - 37 - 39 25 - 23 - 21 - 29 42 - 44 - 48 - 41 |
9 |
Opa heeft 2 pizza`s. Hij snijdt elke pizza in 5 stukken. Hoeveel stukken pizza heeft opa?
_______________________10_______________________ stukken pizza
|
10 |
1 uur 9 uur X 11 uur 8 uur |
Copyright 2024 © Redactiesommen.nl
Privacy beleid
Kijk ook eens op www.rekenspelletjes.nu en bijdeles.online (quiz taal/rekenen/spelling)






