
1 |
Welke getal hoort op de puntjes? 5 - 10 - ...
_______________________15_______________________
|
|||||
2 |
Mees heeft 10 knikkers vast. Hij stopt er 5 in zijn tas. Hoeveel knikkers heeft hij nog in zijn hand?
_______________________5_______________________ knikkers
|
|||||
3 |
De juf staat om 7 uur op. Hoe staan de wijzers?
X
|
|||||
4 |
Quinn rent 12 rondjes om de school. Roan rent 6 rondjes. Hoeveel rondjes rennen de jongens samen?
_______________________18_______________________ rondjes
|
|||||
5 |
De stratenmaker moest nog 17 stenen leggen. Hij heeft er weer 6 gelegd. Hoeveel stenen moet de stratenmaker nog?
_______________________11_______________________ stenen
|
|||||
6 |
Groep 3 en groep 4 voetballen tegen elkaar. Aan het eind staat het 8 - 6 voor groep 4. Hoeveel doelpunten zijn er gemaakt?
_______________________14_______________________ doelpunten
|
|||||
7 |
Milou rijdt 6 rondjes op haar paard. Na een pauze rijdt ze nog 9 rondjes. Hoeveel rondjes reed Milou in totaal op haar paard?
_______________________15_______________________ rondjes
|
|||||
8 |
Op een feestje eten de kinderen pannenkoeken. Wie kan de meeste pannenkoeken op?
Thom: 7 Jort: 6 Kian: 8 X Kevin: 9 |
|||||
9 |
Karlijn heeft 4 rode pennen en 6 blauwe pennen. Hoeveel pennen heeft Karlijn?
_______________________10_______________________ pennen
|
|||||
10 |
Oma laat haar portomonnee vallen en verliest een paar muntjes. Hoeveel euro ligt er op de grond?
_______________________7_______________________ euro
|
Copyright 2024 © Redactiesommen.nl
Privacy beleid
Kijk ook eens op www.rekenspelletjes.nu en bijdeles.online (quiz taal/rekenen/spelling)








