
1 |
Willemijn koopt een cadeautje voor haar moeder van 20 euro. Hoe kan ze precies gepast betalen?
|
||||||||||||||||
2 |
Op het strand staan 11 parasols. Door de wind waaien 2 parasols kapot. Hoeveel hele parasols staan er nog?
_______________________9_______________________ parasols
|
||||||||||||||||
3 |
Bij de slager liggen 19 gehaktballen. Hij verkoopt er 5. Hoeveel gehaktballen heeft de slager dan nog?
_______________________14_______________________ gehaktballen
|
||||||||||||||||
4 |
Welke getallen staan van klein naar groot?
9 - 5 - 11 - 16 11 - 14 - 17 - 19 8 - 13 - 16 - 9 X 7 - 9 - 12 - 15 |
||||||||||||||||
5 |
In de klas dragen 19 jongens een trui. Daarvan zijn 3 truien blauw. Hoeveel truien hebben een andere kleur?
_______________________16_______________________ truien
|
||||||||||||||||
6 |
Niek heeft een briefje van 10 euro bij zich. Hij koopt een doosje lego voor 9 euro. Welke briefjes of munten krijgt hij terug?
|
||||||||||||||||
7 |
Oma heeft 14 stukken taart. Ze deelt 9 stukken uit. Hoeveel stukken taart heeft oma dan nog over?
_______________________5_______________________ stukken
|
||||||||||||||||
8 |
Er lopen 10 koeien in de wei. Boer Harm brengt nog 8 koeien naar de wei. Hoeveel koeien lopen er nu in de wei?
_______________________18_______________________ koeien
|
||||||||||||||||
9 |
10 uur X 9 uur 2 uur 8 uur |
||||||||||||||||
10 |
Welke getallen staan van klein naar groot?
12 - 16 - 14 - 19 32 - 34 - 36 - 35 22 - 26 - 24 - 28 X 44 - 46 - 48 - 49 |
Copyright 2024 © Redactiesommen.nl
Privacy beleid
Kijk ook eens op www.rekenspelletjes.nu en bijdeles.online (quiz taal/rekenen/spelling)










